gastenboekrkaartr

Stuur een Emailtje bij vragenzoek op de websiteTerug naar het beginvolgende

De Massachussets

taalgflokatiegfpopulatiegfbandsgfcultuurgfgeschiedenisgfreservatengflinksgf

De Massachusett leefden in de valleien van de rivier de Charles en Neponset in oost Massachusetts, inclusief de omgeving van het huidige Boston.
Rond 1614 waren er ongeveer 3000 Massachusett, die leefden in zo’n 20 dorpen rond de baai van Boston. Tegen de tijd dat de eerste pelgrims arriveerden, rond 1620, waren er nog maar 800 Massachusett over. In 1631 telden de Puriteinen er nog maar 500. Er zijn geen georganiseerde groepen Massachusett bekend die er na 1800 nog leefden.
De naam” Massachusett´komt uit het Algonkin en betekend” at the range hills”.
De taal die de Massachusett spaken was Algonkin het N- dialect, dezelfde taal als de Narrangansett, Nauset, Niantic, en Wampanoag spraken.

Sub stammen:
 
 
De Massachusett verdwenen als een georganiseerde stam voordat veel over hen vastgelegd kon worden. Toch, kun je op basis van het gene we weten gerust zeggen dat zij op een vergelijkbare manier leefden als de stammen in hun omgeving.
Ze verbouwden intensief bonen, maïs etc. maar waren erg afhankelijk van de vangst van vis en schelpdieren gedurende de zomer. Dit werd aangevuld met de jacht tijdens de koude maanden. Zij verhuisden met de seizoenen mee naar twee geprepareerde locaties om de beschikbare bronnen te exploiteren. De zomerdorpen lagen langs de kust, deze waren over het algemeen groot en bestonden uit middelgrote longhouses. De winterkampen lagen meestal in het binnenland en bestonden uit een aantal kleine wigwams apart van elkaar. Politiek gezien waren ze verdeelt in een aantal substammen die onafhankelijk van elkaar opereerden ieder van deze geregeerd door een sub- Chief of Sachem. Hoewel bekend is dat sommige dorpen door de vrouwen bestuurd werden was het over het algemeen zo dat de stammen door de mannen bestuurd werden dmv van erfopvolging van vader op zoon. Ondanks dat ze met weinige waren, speelden een aantal Massachusett toch een belangrijke rol in de geschiedenis van zuid- New Engeland. Job Nasutan werkte met missionaris John Elliot samen om de bijbel in het Algonkin te vertalen en Crispus Attucks(gedood in de Boston Massacre) was de zoon van een vrije zwarte en een Massachusett moeder.
Geschiedenis
Het eerste contact tussen de Massachusett en de Europeanen was waarschijnlijk al gelegd tussen hen en cabot in 1497, maar dit 9is niet zeker. De Massachusett worden het eerst genoemd door John Smith toen hij de kust van New Engeland verkende in 1614. De ellende sloeg meteen toe in de vorm van drie verschillende epidemieën die New Engeland overtrokken tussen 1614 en 1617. Hierbij kam ¾ van de originele Native bevolking om. Tijdens die zelfde periode vielen onbekende vijandelijke stammen vanuit het noorden de dorpen van de Massachuset aan.
In 1620 vonden de pelgrims de meeste Massachusett dorpen leeg of zojuist verlaten aan. Toen de eerste Puriteinen arriveerden in Boston in1629 leefden er nog ongeveer 500 Massachusett in de directe omgeving. Veel van deze Massachusett kwamen ook nog om tijdens de pokken epidemie van 1633. Kort daarna begon John Eliot met zijn missie werk onder de Massachusett. De nieuwe bekeerden waren verzameld in 14 dorpen van “ biddende Indianen”. Bloot gesteld aan de strikte puriteinse regels, verdwenen de stam tradities al snel.
Later werden er ook vele bekeerden van andere stammen bij de Massachusett in de dorpen ondergebracht en tegen het jaar 1640 hielden de Massachusett als aparte stam op te bestaan. Ondanks dit waren zij toch nog regelmatig betrokken in de oorlogen die woedde in New Engeland. Nadat de Mohawk “biddende indianen” hadden aangevallen vlakbij bij Boston in 1665, leidde het Massachusett Sachem Wampatuck(Chickataubut) een oorlog party in de aanval op een Mohawk dorp als vergelding. Nadat een zege uitbleef, werd de groep in de val gelokt op de weg naar huis. In het begin van de King Philips oorlog trokken veel van de biddende indianen de bossen in om Philip bij zijn opstand te steunen. De Puriteinse missionarissen verzamelde de overgebleven indianen in het belangrijkste dorp:Natick, maar dat waren er niet meer dan 500.
Verplaatst naar de eilanden van de haven van Boston, stonden de biddende indianen op de rand van afslachting door de Engelsen gedurende de oorlog. Omdat deze groep weigerde mee te vechten met de andere indianen en ze daarom veracht werden, kozen ze de zijde van deze Engelsen en hielpen zij hen onder andere door voor te scouten. Regelmatig werden zij echter misbruikt door de kolonisten en soms ook gedood door diegene die zij wilde helpen
Aan het eind van de strijd in 1677, waren er nog maar 7 van de 14 biddende dorpen over en hadden 300 biddende indianen de oorlog overleefd. Ze werden in diverse andere dorpen geplaatst samen met indianen van andere stammen die deel hadden genomen aan de opstand. De verhoudingen binnen de verschillende dorpen kun je wel nagaan en de sfeer was erg gespannen. De populatie van biddende indianen werd na die tijd als maar kleiner, maar ze verdween nooit helemaal. Nu schijnen er nog nakomelingen van de biddende indianen te levenin de omgeving van de steden van Caton, Mattapan en Mansfield