gastenboekrkaartr

Stuur een Emailtje bij vragenzoek op de websiteTerug naar het beginvolgende

De Kiowa

taalgflokatiegfpopulatiegfbandsgfcultuurgfgeschiedenisgfreservatengflinksgf

Van origine leefden de Kiowa in de omgeving van de Colombia rivier in de Kootenay regio in Brits Colombia, canada. Van daar uit trokken zij zuidwaarts naar de omgeving van de Yellowstone en Missouri rivieren in het huidige Montana. Dit was een koude regio waar zij jaagden en verzamelden. Bij het jagen maakten zijn alleen gebruik van pijl en boog. Als lastdieren hadden zij honden die de palen van hun tenten vervoerde.
Hun buren waren de Flathead en ten noorden en westen van hen leefden diverse Athapaskan stammen waaronder hun bondgenoten de Sarsis. Volgens een legende van de Kiowa, kregen twee Chiefs van hen een ruzie. Om het conflict te beslechten werd er afgesproken dat een deel van hen zuidwaarts zou trekken. De Kiowa die naar het zuiden trokken, ontmoetten daar de Crow, die vriendschap met hen sloten en hen het leven op de vlakten leerden. Van hen namen ze twee gebruiken over die in de toekomst van de stam erg belangrijk zouden worden: het paard en de zonnedans. De Kiowa sloegen hun kamp iets ten oosten van de Crow op in de Zwarte heuvels rond 1780. De Kiowa waren echter een stam die niet lang op dezelfde plaats kon blijven. Na hun periode in de Zwarte Heuvels trokken ze verder door de westelijke staten, om uiteindelijk neer te strijken op de zuiderlijke plains. Hier sloten zij een vriendschap met de Comanche. Zij leefden hier in de omgeving van de Texas Panhandle, inclusief in delen van west Oklahoma en Noordoost New Mexico.
De Naam Kiowa betekend “principal People” in hun eigen taal. Het Kiowa is een tanoan taal , die gesproken word op de zuidelijke plains van zuidwest Oklahoma. De taal wordt ook gesproken door de Tiwa, Tewa en Towa.

kiowa

Het plains cultuurgebied was het laatste gebied dat tot ontwikkeling kwam in de verenigde staten. De enige reden dat het zich kon ontwikkelen, was doordat de Spanjaarden het paard meebrachten. De Plains cultuur wordt gekarakteriseerd door het paard, de bizon, de Tipi, Krijgs sociëteiten en de Zonnedans. Er waren zo’n dertig stammen op de plains, maar slecht 11 daarvan waren typisch voor de Plains cultuur: De Kiowa, Kiowa Apache, Comanche, Cheyenne, Arapaho, Assiniboin, Blackfeet, Crow, Gros Ventre, Teton Dakota en de Sarsis. Hierbij was het zo dat de Bizon alles leverde waar men behoefte aan had: Voedsel, kleding, tenten, huiden, bontmantels, beddengoed, rauwheid, zadels, bestek etc. De boog die de stammen gebruikten was iets korter zodat hij te paard kon worden afgeschoten. Riemen en touwen hielden alles bij elkaar en konden aan een zadel of travois vastgemaakt worden. Alles was er op gemaakt, om snel in te kunnen pakken en weg te gaan, meestal een kwestie van leven of dood. Een compleet kamp kon in 30 minuten opgebroken worden. Zowel de mannen als de vrouwen drogen kleding gemaakt van huiden, mocassins , leggings en eventueel een mantel van bizonhuid in de winter. Sieraden werden door beide seksen gebruikt en was meestal gemaakt van Mexicaanse zilveren munten. De mannen droegen hun haar in twee vlechten die omwonden waren met stof en de vrouwen droegen hun haar los of ingevlochten.
Specifiek voor de stam was het feit dat de mannen over het rechter oor een korte lok droegen en dat ze speciale mocassins droegen met een flap die versierd was en over de grond sleepte. In oorlogstijd droegen de mannen een borststuk van Pipesteen die de borst beschermde.
Tijdens de Zonnendans sloegen de Kiowa hun kamp in een cirkel op. Er waren 6 sub-stammen, die ieder hun eigen aandeel hadden in de rondedans. Ook waren er binnen de stam verschillende sociale rangen. De eerste rank hadden de aristocraten (Onde), dit waren grote sub- Chiefs of krijgers.De tweede rang, de Odegupa, bestond uit de wat kleinere sub- Chiefs, de medicijnmannen belast met het genezen van de zieken en uit mensen met beperkte status. De derde rang(Kaan), bestond uit de armen van de stam, meestal de helft van de stam. De “Dapom”waren de mislukkelingen van de stam, zoals de gehandicapten en diegene die men gestoord vond. De leden van de Kiowa stam konden in rang zowel stijgen als dalen.
De belangrijkste wapens en gereedschappen die werden gebruikt waren: Pijl en boog, de Tomahawk, de speer, stukjes vuursteen, messen, verschillende vuurstenen zagen, schrapers en vaak stalen naalden indien voorradig.
De rol van de mannen in het kamp was simpel, zij zaten wat, rookten wat en waren goede oppas voor de kleine kinderen. Maar daarnaast waren zij ook belast met de bewaking van het kamp. De vrouwen waren ondertussen hard aan het werk. Zij maakten de huiden schoon, droogden het vlees, bereidde pelikaan, maakten kleding, zorgden voor de honden, gingen op zoek naar vruchten, droegen zorg voor het opzetten van de Tipi en pasten op de slaven. Dit meestal met op hun rug een pasgeborene.
De sociale organisatie binnen de stam was simpel. De Kiowa en Kiowa- Apache behoren tot de zelfde verwantschap systeem als de Cheyenne, ook wel bekend als de generatie of classificatie type, waarbinnen verwantschap zowel horizontaal als verticaal samen gaat. Een moeder stond dicht bij haar zoon, maar het was de vader die hem trainde en er voor zorg droeg dat jongen status binnen de stam kreeg. De zonen respecteerden de vader en de oudere mannen binnen de stam. Fysieke straffen werden niet gebruikt, wel konden de jongens belachelijk worden gemaakt door de ouderen. De familie was overigens afhankelijk van de zonen die zorg moesten dragen voor vlees en dergelijke en zijn succes was belangrijker dan dat van een dochter, hoewel deze wel voor welvaart van de ouders konden zorgen in de vorm van paarden als bruidschat. De grootouders en kleinkinderen hadden een belangrijke band met elkaar. De grootvaders waren de leraren, kameraden en verhalen vertellers van de stam. Een kind dat geen grootouders had, miste veel. De basis van de economie en een sociale groep bestond uit broers en zussen en hun families. Een groep bloedverwanten bleef meestal bij elkaar en stichtten onder leiding van een Chief een kamp of dorp.
De militaire gemeenschappen werden “Dog Soldiers” genoemd. De eerste van zes groepen was de “rabbit” groep voor alle jonge jongens. Naarmate de jongens ouder werden konden zij zich aansluiten bij één van de andere groepen . De “Koitsenko” was een zeer belangrijke groep, die uit de tien belangrijkste krijgers bestond. Deze krijgers werden in de groep gekozen. De Militaire groepen waren verantwoordelijk voor het bewaren van de vrede in een kamp, organiseerden jachtpartijen en voerden strijd.

Het huwelijk binnen de stam werd meestal geregeld door aan de ouders van de bruid paarden te geven. Vervolgens werd er een contact gesloten bij het overdragen van de geschenken. De man ging meestal bij de familie van de vrouw wonen. Soms liep men ook wel met elkaar weg, om zo een huwelijk te forceren. Een scheiding tussen twee mensen was eenvoudig maar ongewoon. Een vrouw had hiervoor de toestemming van haar vader nodig en meestal werd de Bruidschat teruggegeven. Een man mocht van zijn vrouw scheidden wanneer er sprake was van overspel, maar hij kon ook het puntje van de neus van de vrouw afsnijden…. Ook wanneer de vrouw, werd mishandelt kon zij een scheiding forceren.
Het besturen van de stam gebeurde door een Hoofd of burgerlijke Chief die een belangrijke Topadok’i of kampleider was. Hij werd gekozen door de andere Chiefs. De laatste grote Chief van de Kiowa, was Dohasan(Little Bluff), die in 1866 stierf.
De Kiowa waren onderling verdeelt als het om de omgang met de blanken ging. Lone Wolf, een Chief, leidde de vijandige Kiowa, terwijl Kicking Bird, een andere Chief, de vreedzame Kiowa leidde tot 1875, toen hij vermoord werd. Later gaf Lone wolf zijn naam aan zijn neefje, die in 1896 hoofd Chief werd. De vrouwen hadden geen stam in de raad.

Wat betreft hun geloof waren de Kiowa Polytistisch en Animalistisch, met andere woorden zij geloofden in meerdere goden en in de kracht van dieren. De belangrijkste ceremonie was de Zonnedans of K’ado aan het begin van de zomer. Tijdens de zonnedans kwam de stam bijeen voor een periode van ten minste tien dagen. De zon werd gezien als een van de belangrijkste spirituele krachten.
Daarnaast waren er nog andere belangrijke voorwerpen en personen die met hun geloof te maken hadden.
Zo was “Sunboy” de grote bovennatuurlijke en mythische held. Hij was degene die de stam het medicijn gaf dat de tien priesters in tien porties voor de stam bewaakten. Deze medicijn werd de “grootmoeder bundels” genoemd. De “Taime” was een afbeelding van een menselijk figuur, de centrale figuur bij de uitvoering van de Zonnedans. Andere kleine figuurtjes of heilige afbeeldingen die men had was onder andere de “Oude vrouw onder de Grond”
Seni of Peyote was de aanbidding van de cactus; het betrof hier een systeem van mythen en rituelen waarbij de knol van de cactus gegeten werd. Dit gebruik bestond al zeer lang onder de stammen langs de Rio Grande en de Kusten van Texas.
De Zonnedans had een ceremonieel en een sociaal doel. Men geloofde dat de Bizon opnieuw geboren werd en versterkte het geloof en de tradities van de stam. De ceremonie duurde dus tien dagen, waarvan de eerste 6 werden gebruikt om de Lodge te bouwen. Tijdens de vier volgende dagen gingen de dansers op zoek naar hun visioen. Het kwam voor dat de dansers gewond raakten, vlees scheurden of vingers braken, maar dit gebeurde niet zo vaak als bij andere stammen die de dans praktiseerden. Zowel mannen als vrouwen konden tot het selecte gezelschap van dansers behoren. Nadat het festival afgelopen was, werd het kamp opgebroken en ging ieder weer zijn eigen weg. De Krijgers die de belofte hadden gedaan gingen erop uit om hun beloften waar te maken.
De Kiowa hielden van de belangrijkste gebeurtenissen van hun stam kalanders bij, waarvan de Anko en Sett’an twee belangrijke zijn.
Edward Sapir, rekende de Kiowa tot de Uto Aztecische taalgroep.
De Kiowa waren berucht om hun plunderingen in Texas en het oude Mexico. Een van deze plunderingen in 1871 werd beroemd door het hele land. Twee Kiowa, Big Tree en Santana werden veroordeeld voor moord. Dit was de eerste keer dat Indianen verantwoordelijk werden geteld voor moord tijdens een plundering en dat zij voor een blanke rechtbank moesten verschijnen. Zij werden dus veroordeeld tot de dood, een straf die later werd omgezet in levenslang. Twee jaar later kwamen beide voorwaardelijk vrij en toen Santana deel nam aan de tweede slag van Adobe Walls in 1874, tegen de bizonjagers, werd hij opnieuw opgepakt en gevangen gezet. In 1878 sprong hij uit het raam en pleegde dus zelfmoord. Er waren grotere plunderingen geweest, maar de plundering van 1871 werd zo beroemd omdat generaal William T Sherman, net op dat moment in het gebied rondtrok. Het gevolg was dat de Kiowa onder de druk van militaire acties uiteindelijk naar hun reservaten gingen. In 1887 werd er een Act aangenomen waarin het besluit lag dat iedere Kiowa familie een stuk land ter grootte van 160 hectare kreeg toegewezen.
In 1888 registreerde het bureau voor Indiaanse zaken 1151 Kiowa.
In 1890 namen enkele Kiowa deel aan de Ghost Dance ceremonieën, maar men stopte hiermee toen een vertegenwoordiger van de Kiowa, de zelfmade profeet Wovaka, bezocht en bepaalde dat hij nep was.
Uiteindelijk kozen de Kiowa er voor om de westerse leefwijze te accepteren en ze slaagden erin de blanke cultuur zich eigen te maken. Ze bleven onafhankelijk, maar de uiterst intelligente Kiowa, wilde dat hun kinderen de taal en gebruiken van de blanken leerden. Veel van hen leven nu in en om Anadarko, Fort Cobb, Moutain Vieuw en Carnegie in Oklahoma. Zij zijn officiële inwoners van de Verenigde staten en hebben veel respect verkregen door hun ontwikkeling op het gebied van Ranching, boeren en op industrieel gebied.