gastenboekrkaartr

Stuur een Emailtje bij vragenzoek op de websiteTerug naar het beginvolgende

De Klamath

taalgflokatiegfpopulatiegfbandsgfcultuurgfgeschiedenisgfreservatengflinksgf

Het woord Klamath komt waarschijnlijk van het woord Maklaks, het Lutuami woord voor “Indianen of mensen”.
De Klamath zijn een Lutuamian stam uit het zuidwesten van de huidige staat Oregon. Zij noemen zichzelf Eukshikni of Auksni, “mensen van het meer”, verwijzend naar hun leefgebied, dat lag aan het bovendeel van het Klamath meer. Ook hadden zij belangrijke nederzettingen aan de rivieren de Williamson en Sprague. Ten westen van het gebied van de Klamath leefden de Athapaskan van Rogue River (noordwesten) en de Shasta (zuidwesten). In het noorden leefden de Shoshone- bands, de Warm Springs indianen. Ten oosten van de Klamath leefden de Shoshone- talige Paiute en zuidwaarts de Achomawi. Met al deze stammen stonden de Klamath (en Modoc) op voet van oorlog.
De kleding van zowel mannen als vrouwen bestond uit een mantel, korte leggings, Moccasins en een lendendoek. Afhankelijk van het jaargetijde waren deze gemaakt van diverse soorten leder. Wanneer het warmer werd droegen ze alleen nog maar een lendendoek. De Moccasins werden gemaakt van huiden en bedekten de gehele voet tot aan de enkel.

klamath


De taal van de Klamath stam, het Lutuami, is een tak van de Plateau Peruviaanse taal familie. De Klamath taal werd beschouwd als een geïsoleerde taal. Er zijn twee dialecten: Het Klamath en het Modoc.
De Klamath leefden voornamelijk van de visvangst en verzamelde wortels en zaden.
Het was Peter Skene Ogden, een ontdekkingsreiziger van de Hudson Bay Compagnie, die voor het eerst, als blanke, met de Klamath in aanraking kwam in 1826. Daarvoor was het gebied niet interessant voor de blanken om dat er weinig bont dragende dieren leefden. Tot aan de helft van de 19de eeuw bezaten de Klamath geen vuurwapens.
In de winter leefden de Klamath in vaste dorpen, met hutten gemaakt van aarde, bedekt met matten. In het voorjaar verlieten de Klamath hun dorpen om te gaan vissen. Het aantal Klamath werd geschat op ergens tussen de 800 en 1400.
De Klamath waren een stoutmoedige stam die, in tegenstelling tot een andere tak van de familie, de Modoc, altijd op vreedzame voet met de blanken hebben geleefd. In 1864 voegden zij zich bij de Modoc, toen zij het grootste deel van hun leefgebied afstonden aan de VS, en gingen met hen in het Klamath reservaat leven. In 1905 was het aantal Klamath 755, dit was inclusief een aantal slaven en leden van andere stammen die zij min of meer geassimileerd hebben sinds de oprichting van het reservaat. Slavernij was gewoon bij de Klamath en voorgaande aan een verdrag van 1864, vergezelden zij de Modoc jaarlijks bij een rooftocht onder de Achomawi van Pit River, op zoek naar slaven. De vrouwen en kinderen van deze stam werden gevangen genomen en vaak verhandeld met onder andere de Chinook bij de rivier de Dallas. De Klamath namen geen deel aan de Modoc oorlog van 1872- 73 en er wordt beweerd dat de manier van leven en het feit dat ze minderwaardig werden behandeld door de Modoc, de reden was dat de Klamath wegtrokken uit her reservaat. Zover bekend zijn er de volgende divisies en nederzettingen van de Klamath bekend:Awalokaksaksi, Kohashti, Kulshtgeush, Kuyamskaiks, Nilakshi, Shuyakeksh, Yaaga, en Yulalona. Deze divisies leefden in aparte dorpen en hoewel het bekend is dat ze onderling wel met elkaar trouwden was er geen sprake van een politieke organisatie. Nadat de Klamath naar het reservaat trokken, verdwenen deze divisies helemaal.
Iedere Klamath zocht naar spirituele kracht door middel van Vision Quests, die plaats vonden tijdens belangrijke momenten in het leven, zoals tijdens de pubertijd of een periode van rouw. De sjamanen waren die mensen die meer als gemiddelde spirituele macht bezaten en tijdens ceremoniën raakten deze sjamanen in trance en bezeten van geesten. Als schepper van alle mensen zagen de Klamath hun culturele held: “ kemukemps”.