gastenboekrkaartr

Stuur een Emailtje bij vragenzoek op de websiteTerug naar het beginvolgende

Het leven op de Plains

bizonlandlandbouwerspaardvrouwenkrijgersstrijdeindetijdslijn

Het grote vlakten (de Plains) cultuurgebied, ligt ingesloten tussen de Mississippi rivier en het Rocky Mountain gebergte in het oosten en westen en tussen Manitoba, Saskatchewan en Alberta in het noorden en Texas in het zuiden. De Plains zijn dus het grootste cultuurgebied van Noord- Amerika. De Plains zijn voornamelijk begroeid met grassoorten. In het oosten regent het iets meer dan in het westen en de daar voorkomende grassoorten zijn dan ook iets langer. Op enkele plaatsten onderbreken stukken bos het beeld van de vlakten. De bomen die op de vlakten groeien zijn voornamelijk wilgen en katoenbomen. Verder bevinden zich ook nog kleine gebergten op de vlakten, zoals de, voor de Dakota heilige, Black Mountains van zuid Dakota en het Ozark gebergte in Missouri.
Verder is het gebied hetzelfde en vormt het, het graasgebied voor de, voor de Indianen zo belangrijke, Bizons.


Het Plains cultuurgebied is eigenlijk heel bijzonder, omdat er voor het contact met de blanken, praktisch geen stammen leefden.
Het waren de blanken die het paard introduceerde en daarmee de mogelijkheid voor de stammen om grote afstanden af te leggen.
Veel van de stammen jaagden al op de bizon, maar omdat ze dit te voet moesten doen, bleef hun bereik beperkt. Het was een grote operatie om iedereen en alles mee de plains op te slepen. De mannen moesten mee om te jagen en de vrouwen moesten mee om de bizons te slachten en villen. De rest van de stam ging vervolgens mee om zoveel mogelijk vlees te kunnen dragen. De enige hulp die ze daarbij kregen was van honden, die met behulp van een Travois ( een houten sleepje), spullen konden vervoeren. Maar de mogelijkheden bleven dus beperkt en de komst van het paard veranderde dit. Veel van de Landbouw- stammen, die in vaste dorpen woonden, trokken er nu op uit om uitgebreid op de bizon te jagen.Ook migreerden er een aantal stammen naar de Plains om zich daar toe te leggen op de Prairie- stijl van leven.Op het moment van het eerste contact met de blanken, leefden er eigenlijk maar twee stammen op de plains. Dit waren de Comanche in het zuiden en de Blackfoot in het noorden. De meeste andere stammen in de regio van de plains waren “ boeren” en woonden op vaste plaatsen, of waren ten hoogste semi- nomadisch , met nederzettingen voornamelijk langs de Missouri rivier. Toen de bronnen in hun gebieden uitgeput raakten, trokken ze stroomopwaarts langs de Missouri, op zoek naar nieuwe locaties voor hun dorpen. Deze vroege landbouwers waren onder andere de Sioux sprekende Mandan en Hidatsa en de caddoan sprekende Caddo, Wichita en Pawnee.
De andere stammen die de plains later gingen bewonen, deden dit om de droogte te ontvluchtten, om de blanke opmars te ontvluchtten en vooral om hun voordeel te halen uit deze nieuwe, Bizon- jacht leefstijl, mogelijk gemaakt door de komst van het paard. Deze derde generatie, Plains stammen waren onder andere de Algonkin sprekende Gros Ventre, Arapaho, Cheyennes, Plains Cree, en plains Ojibway uit het noordoosten; de Sioux sprekende Assiniboin, Crow, Dakota, Ponca, Iowa, Omaha, Oto, Kansa, Missouri, Osage en Quapaw uit het oosten; de Kiowa- Tanoan sprekende Kiowa uit het westen en de Athapascan sprekende Iowa, Apache en Sarcee uit het noordwesten. Het is dus zo dat de Plains verschillende generaties bewoners kent en dan hebben we het nog niet over de vierde generatie gehad….De Almachtige stammen van de SIOUX.

mapplains

 

Bizonland

Het plains of vlakten gebied van Noord Amerika besloeg een oppervlakte van zo’n 750.000 vierkante mijlen.

bizons

Het hart van het gebied bestond uit een grote vlakte van gras, die af en toe doorbroken werd door bergachtig terrein en winderige, met bomen begroeide rivier beddingen. Verder was het gebied zeer afwisselend omdat het zich uitstrekte vanuit het zuiden van de canadeze Prairie provincies tot aan de Llano Estacado of Staiked Plains van west Texas en New Mexico. Vanaf de oostgrens van het gebied aan de Mississippi rivier, zou een ruiter er weken over doen om de westelijke muur van de Grote Vlakten te bereiken, die gevormd werd door de Rocky Mountains. De ecologie van de vlakten betroffen echter meer dan zijn schoonheid en variëteit. Het feit dat er vaak weinig neerslag viel, maakte het gebied onaantrekkelijk voor de vroegere landbouwers. Dit was mede te wijten aan de Rocky soutiens, die de regen gebieden “leegzogen” voordat ze de vlakten bereikten. Dit is dan ook de belangrijkste reden dat de vroegere jagers en landbouwers maar zeer beperkt gebruik maakten van het gebied. Rond 1863 leefden er echter zo’n dertig stammen in het gebied van de grote vlakten die zich de vlakten indianen noemden.
Alle vlakten stammen hebben een verschillende overlevering, over hoe zij op de vlakten terecht kwamen en daar bleven, meestal zijn dit echter legenden en sluiten ze niet aan bij de werkelijke reden:” de komst van het Paard”.

 

Het was in de 16de eeuw dat de Europeanen begonnen met het verspreiden van het paard over de vlakten.
Toch werden de Plains ook ver voor de tijd al bezocht en dan met name door de Dakota.
Deze jagers trokken te voet de Plains op en waren gewapend met hun speren met stenen punten. Het waren echter hun vindingrijkheid en samenwerking die hen er toe in staat stelden, hun veel snellere en sterkere prooi te doden( antilopen, Bizon etc) . Hiervoor gebruikten zij twee technieken.
De eerste techniek was, om het wild uit de struiken te jagen en ze te drijven in een met hekken afgezette koraal, om het wild vervolgens van dichtbij te kunnen doden.
De andere methode was de zogenaamde “ Bizon sprong” die al sinds tijden gebruikt werd. Bij de start van de jacht, werden de vrouwen en kinderen achter hopen stenen, die in een V vorm werden gelegd, gepositioneerd. De punt hiervan liep uit op een steile afgrond. Vervolgens werden de bizons de V vorm ingelokt door een jager met een bontmantel om, terwijl achter de kudde een groep jagers al schreeuwend en met brandende taken zwaaiend, de kudde probeerde op te jagen. Het was de bedoeling dat de kudde uit angst voor een grote prairie brand, in paniek zou raken en de bizons zich blind in de afgrond zouden storten. Wanneer dit gelukt was, schoten de krijgers hun pijlen op de gewonde bizons af. De vrouwen begonnen ondertussen met het opbouwen van het kamp, om aldaar de bizons te kunnen slachten. Het verse vlees werd door de vrouwen in dunne repen gesneden, die te drogen werden gehangen aan palen. Het gedroogde vlees werd vervolgens op verschillende manieren verwerkt. Een favoriete methode was om het gedroogde vlees fijn te malen en met bessen en bizonvet te mengen, om het vervolgens te bewaren in lederen containertjes. Op deze manier was het vlees lang houdbaar en kon mehn het ook nog later in de winter eten.
Als pakdieren gebruikten, deze vroege bezoekers van de vlakten, tamme honden, waarschijnlijk familie van de Coyotes. Korte Tipi palen werden op een harnas gebonden en over de ruggen van de honden gelegd, om zo een platvorm te vormen, waarop men hun spullen kon vervoeren. Deze platforms werden ook wel travois genoemd.
In die tijd waren de tipi’s dan ook niet hoger dan zo’n 3 meter en de travois waren lichtbepakt. De afstanden die de jagers in die tijd aflegden waren niet groot.
boven begin

 

Vroege landbouwers

Zo rond het jaar 1000, begonnen enkele pionierende jager- landbouwers, met het bebouwen van de vruchtbare overstromingsgebieden van de Missouri rivier. Ze gingen er wonen in dorpen op verscheidene plaatsen langs de gehele rivier. De dorpen werden echter voornamelijk in de zomer bewoond tijdens het groeiseizoen, terwijl men in de winter voornamelijk met jachtgroepen op zoek was naar bizons en ander wild.
De beste plek voor een dorp was meestal een overhangende klif of terras waarvandaan men de rivier kon overzien en men een eventuele bizon kon zien aankomen. Ook kon men vanuit het dorp de waterhalende vrouwen in het zicht houden en hen beschermen tegen vijandige krijgers en beren. Ook was het echter belangrijk dat wachtposten, goed zicht hadden op de akkers, die regelmatig door zwermen vogels bedreigd werden.


De hutten, die men gebruikte, werden gebouwd van palen en stammen van katoenbomen die langs de rivier groeiden. De wanden en het dak werden bedekt met kleinere palen en takken, die vervolgens met het zware prairie gras werden bedekt. De bouwers van de hutten maakten de hutten geschikt voor de winter door de vloer iets te verhogen en de toegang tunnels te bedekken met aarde te bedekken. In de vloeren werden vervolgens, diepe lensvormige kelders gegraven die er voor dienden om hun gedroogde oogsten in te bewaren, voor de komende winter maanden. De vrouwen waren de baas over deze hutten en ook over de akkers die men bebouwden.
Meestal leefde er in iedere hut twee families, met elkaar verbonden via de vrouwelijke erf-lijn. De stellen sliepen in kribben die rondom het midden van de hut lagen. Meestal bevond zich in een hoek van de hut een altaar, waarop zich familie iconen bevonden en de kinderen werden geleerd deze met respect te behandelen. De rook die van het centraal gelegen vuur kwam, kleurde het plafond zwart en zorgde er ook voor dat het met gras bedekte dak, niet door insecten bevolkt werd. Vroege chronologieën spreken van ordelijke en schone hutten

Tegen de 14de eeuw bevonden deze populatie centra zich voornamelijk in twee gebieden. Op de centrale vlakten van Nebraska en Kansas, leefden de voorouders van de Pawnee en langs het bovendeel van de Missouri rivier in Noord Dakota woonden de voorouders van de Mandan, die al snel vergezeld zouden worden door de eerste Hidatsa bands.
Doordat deze manier van leven al snel populair werd, kwamen er steeds meer bands in het gebied leven. Er ontstond een strijd over de vruchtbaarste landbouwgronden en langzaam begonnen de verschillende stammen en bands, zich te verschuilen achter schuttingen en palissaden. Binnen deze muren ontstonden er ceremoniële plekken en sommige gebouwen werden zelfs geheel gewijd aan ceremoniëlen.
Iets verder naar het zuiden, bij de grote bocht van de Arkansas rivier, leefden andere Caddoan- sprekende stammen die aan landbouw deden. Zij woonden achter in gras-lodges. Dit was de Wichita stam en hun bijenkorf- vormige hutten intrigeerde de ontdekker, Francisco de Coronado, toen hij ze zag in 1540. Naast het verbouwen van Mais en squash, waren deze Wichita zeer bedreven in het maken van versierd aardewerk en waren zij bekend om hun geheel getatoeëerde lichamen.

Terwijl deze stammen bezig waren met het bebouwen van hun gronden, hanteerden andere plains stammen een geheel andere leefstijl. Ver in het noorden overleefde een groep, die later bekend zou worden als de Blackfoot, door te jagen en te verzamelen in de beboste uitlopen en uitgestrekte graslanden van Zuid Manitoba en west Saskatchewan .
Langs de grensgebieden van de westerse Grote Meren vochten de Santee ( de meest oostelijke stam van de Sioux) en de Ojibway ( de grootste van de Grote Meren woudstammen) om de zelfde bron van voedsel in de woudgebieden. Beide stammen oogsten wilde rijst in de herfst, jaagden in de winter, maakten maple siroop in de lente en boerde in de zomer. Hun buren bestonden uit Lakota stammen ( afdelingen van de grote Sioux sprekende familie) die er de voorkeur aan gaven om op een bizon- jagende wijze te leven. Andere vroegere plains volken, waaronder de Cheyenne, de Crow, de Hidatsa, en de Kiowa trokken van locatie naar locatie en wisselde consequent van Prairie leefstijl.
Het was langs de zuidelijke rand van de grote vlakten, waar de ontdekker Francisco Vasquez de Coronado in 1541 de eerste glimp opving van, wat de populairste vorm van prairie leven zou gaan worden. Zij troffen daar conische hutten aan, bedekt met gelooid leer. Waarschijnlijk bewoond door prairie Apache. Het is aannemelijk dat deze bewoners nog met net in deze regio gearriveerd waren en in die tijd van het jaar waren ze waarschijnlijk op weg naar hun zomerkamp in de buurt van hun akkers. Twintig jaar later was het Don Juan de Onate, die een groep Plains Apache tegenkwam. Hij beschreef een dorp van vijftig tipie‘s, die rijkelijk beschildert waren met rode en witte verf. Vervolgens bleven andere bezoekje van de blanken in dit gebied uit en konden de plains indianen een eeuw lang rustig verder leven. Hoewel. Dat is niet helemaal waar. De Europeanen zelf kwamen dan wel niet meer in het leefgebied, maar iets anders zou een zeer grote invloed gaan hebben op de levensstijl van de Plains Indianen.
boven begin

 

De vierbenige revolutie

Rustig levend in hun hoofdstad bij Santa Fe in de 16de eeuw leefden de koloniale Spanjaarden. Zij hadden tot dan, het monopolie gehad in de paarden handel. In het jaar 1680 veranderde dat echter, toen rebelse Pueblo indianen de Spanjaarden uit New Mexico verdreven . Hele paarden stallen bleven ineens onbeheerd achter en de paarden stonden klaar om mee genomen te worden. De pueblo indianen en hun Navajo bondgenoten twijfelde dan ook niet en zorgde er al snel voor dat deze paarden zich verspreidden naar de Comanche. Vervolgens ging het redelijk snel met de verspreiding van het paard. In 1682 klaagde een katholieke priester over een groep indianen (waarschijnlijk Apache), die al honderden paarden van hem hadden gestolen. Vanaf het jaar 1690, bezat ieder huishouden van de Hasanai, een noordelijke stam in Texas, ten minste vier paarden. Tegen het jaar 1700 begonnen de Shoshone aan de Snake rivier in zuid Idaho met het handelen in paarden en 30 jaar later bezaten ook de Nez perce van het Idaho Plateau en de Blackfoot van het huidige Alberta, paarden. Tegen het einde van de 17de eeuw waren ook de Santee Sioux en de Canadese Cree en Sarcee, bereden indianen.
Nu was dus het klassieke beeld van de vlakten indiaan daar. De komst van het paard gaf voeding aan het beeld van de met verf beschilderde krijger te paard, met schild en boog. Als je echter de verhalen van de verschillende stammen beluisterd, dan waren het niet de blanken die iets met de komst van het paard te maken hebben. Zo’n gift kon onmogelijk afkomen van mensen met zulke slechte gewoonten. Veel stammen noemen het paard: heilige hond, geest honden, hemelse honden en vele stammen vertellen verhalen over hoe visie zoekers de zegen ontvingen van het paard, door een bovennatuurlijk wonder.

sioux op paard

De Komst van de Euro

….Sinds het bestaan van de Indiaan en sinds het bestaan van verschillende stammen op de vlakten, was het voor hen al gewoon om met elkaar te handelen. Dit gebeurde voornamelijk tussen bevriende stammen die elkaar tekorten van gebruiksvoorwerpen en voorraden aanvulden door ruilhandel. Met de komst van het paard ontstond er echter een nieuw fenomeen, valuta. Paarden werden gestolen van elkaar en verhandelt met elkaar, van stam naar stam en gebied naar gebied. Ook waren er inmiddels grote kudden wilde paarden op de vlakten en de krijgers gingen dan ook regelmatig op jacht naar een mooi wild paard. Meestal gingen deze jonge krijgers in de zomer op pad en volgenden de kuddes. Deze jonge krijgers sprongen vervolgens op de rug van zo’n wil paard een putte het uit om vervolgens het volgende paard te berijden. Als de paarden eenmaal moe waren, waren ze makkelijk te vangen en werden ze mee naar hun dorpen genomen.
Het paard werd dus langzaam aan het meest gewilde betaalmiddel en Chiefs en krijgers stegen in aanzien, naarmate hun kuddes groeiden. Logisch is het dan ook dat deze krijgers op zoek naar paarden gingen, op welke manier dan ook.
Het stelen van paarden was voor de krijgers spannender dan het vangen van de wilde paarden. Daarbij kwam dat het stelen van paarden van je vijand gelijk stond in eer, aan het doden van die vijand. Het werd een sport en de krijgers trainden zichzelf in het heimelijk betreden van kampen en het besluipen van de vijand.
De paarden veranderden dus de levensstijl van de Indianen compleet. Voedsel vinden was niet meer zo’n probleem als voorheen. Waren er geen bizons in de beurt, dan trok men gewoon verder, waarbij afstanden ook een kleiner belang vormden. Het doden van een bizon vanaf de rug van een paard was ook niet alleen veel veiliger, maar het kostte ook veel minder tijd om de bizons te slachtten. Nu de vrouwen ook meer tijd hadden, legden zij zich toe op het bewerken van de huiden en deze huiden waren weer een goed handelsmiddel.

Het hebben van paarden zorgde er ook voor dat de indianen makkelijker toegang hadden tot de handelsposten van de blanken, dus konden zij hun huiden verhandelen tegen Europese goederen. Daarnaast konden de paarden veel meer vervoeren als de honden en zo beschikte een huishouden over een veel grotere inventaris als voorheen. De tipi’s werden groter en soms waren de palen wel 20 of dertig meter lang, waardoor er in een tent soms wel meer dan 100 mensen tegelijk konden verblijven.
Onder de producten die de Europeanen meebrachten was er een speciaal iets waar de indianen nogal dol op waren. Het waren de kleurrijke glazen kralen. Deze Pony-kralen en later ook Zaad-kralen vervingen de versieringen die men vroeger maakten van stekels van het stekelvarken. De versieringen ontstonden op de strijdhemden van de mannen, op de mocassins en er werden armbanden en halssieraden gemaakt. Door de handel met de blanken nam ook de behoefte aan metalen potten, bijlen en messen toe. Nog later werden ook koffie, tabak, suiker, drank en vuurwapens op de posten verhandelt. Je zou kunnen spreken van een verval van de cultuur alleen al door de drank en wapens….
boven begin

 

Vrouwen

Nu de mannen zich voornamelijk bezig hielden met de jacht en met het strijden, moesten de vrouwen op zoek naar een nieuw rol binnen de gemeenschap. Vooral binnen de stammen die voorheen aan landbouw deden, veranderde er voor de vrouwen veel. Als verantwoordelijke voor de oogst en de hutten hadden de vrouwen voorheen een hoge status. Nu echter moesten de vrouwen hun status echter ontlenen aan de kwaliteiten die zij bezaten op het gebied van handwerken en het bewerken van leer. De vrouwen op de vlakten ontwikkelden zich dan ook tot ware kunstenaars op het gebied van leerbewerking en het maken van potten, manden, wiegen en kralenwerk. De europese markt maakte dan ook gretig gebruik van de kwaliteiten van deze vrouwen en het was erg modieus om dergelijke producten in het bezit te hebben. Nu de vrouwen hun status als vakmensen hadden gevestigd en hun ruilmiddelen van grote waarde waren voor de stam werden zij wederom gezien als een aanvulling op hun man, die mede zijn status ontleende aan de kwaliteiten van zijn vrouw.boven begin

vrouwen

 

Krijgers

Met de komst van het paard ontstond er ook een toename van het aantal krijger sociëteiten die al jagend en rovend over de vlakten trokken. Terwijl hun mensen in de tipi cirkel leefden, waren het zij die de vrede bewaakten. Als men op reis was dan waren het deze krijgers die de flanken van de stoet bewaakten en uitkeken naar wild of beren.
Bij de Assiniboin, Blackfoot en Arapaho had men leeftijdsgebonden sociëteiten. De jongens groeiden op en doorliepen de verschillenden sociëteiten . Binnen iedere sociëteit had men andere verantwoordelijkheden.
Sommige groepen volgden een extreme cijfercode. De”Bowstrings” van de Cheyenne stonden ook bekend als de “ tegengestelden” omdat zij alles andersom deden. De Crazy-Dogs-wish-to-die van de Crow, spiesten hun schouders aan de grond met speciale speren om vervolgens tot de dood te vechten of door een vijandelijke krijger bevrijd te worden….
De krijgers te paard droegen kleine schilden, beschildert met belangrijke symbolen zoals medicijn beren en vogels , om hen te beschermen tegen vijandelijk vuur. De bogen werden korter en bkleed met leder, zodat ze krachtiger waren, de knuppels en speren werden aangepast voor de strijd van man tot man. Het gebruik van vuurwapens vond zijn weg naar de plains echter niet zo snel als het gebruik van paarden. Dit had vooral te maken, met het feit dat de eerste vuurwapens erg lastig in het gebruik waren en de krijgers vuurden pijlen sneller af… Met de komst van het repeteerwapen nam het gebruik echter snel toe, nu was het geweer ook geschikt om vanaf het paard af te vuren. Wapens waren dus belangrijk in de strijd, maar de meeste eer ging toch naar de krijger die het lef had om Coups te plegen. Hierbij benaderde hij de vijand en raakte hem alleen aan, dit werd gezien als dapperder omdat het doden van een vijand op afstand veel gemakkelijker was. Verder kon men nog status verdienen door paarden te stelen, een vijand te scalperen of het wapen van een vijand af te pakken. Op deze manier verzamelde de krijger zijn eer en hij liet ook zien dat hij de eer had behaalt door bepaalde veren te dragen of zijn paard en tipie te beschilderen.
Wanneer de krijgers op pad waren, bizons of vijanden volgden, dan werden zij meestal geleid door zeer ervaren krijgers die al vele coups hadden gepleegd en nog nooit grote verliezen hadden geleden. Wanneer men echter gewoon in kamp was, dan werd men geleid door zeer ervaren, stabiele leiders. Bij sommige stammen was het dus gebruikelijk dat de sociëteiten de politie macht in het kamp vormden en ze zagen er dan ook op toe dat alles in redelijke orde verliep.
Bij de Cheyenne was de rol van Vredes- Chief de belangrijkste taak in een stam. Hij was verantwoordelijk voor het oplossen van alle problemen in de stam. Om Chief te worden werd men gekozen zitting te hebben in “de raad van 44” Chiefs, voor een periode van tien jaar. Gedurende die periode werd er van de Chief verwacht dat hij gul was voor de armen, dat hij zich gedroeg als een vader voor allen met een goed hart en dat hij de problemen oploste met wijsheid doch doortastend. Waren er echter conflicten tussen stammen onderling, dan vroeg dit om en andere aanpak. Zo goed als alle vlakten stammen hadden het gebruik overgenomen om met elkaar tabak te roken. Indien men met elkaar de pijp rookte dan bevond men zich op vredesgrond en was er de ruimte om met elkaar te spreken.boven begin

Vriend of Vijand?

Ons beeld van de vlakten indiaan, zo weten we inmiddels, is dus gebaseerd op wat men ons heeft voorgehouden. Een trotse indiaan te paard, een strijder en zeer oorlogszuchtig. Dit was dan ook wel het beeld wat de eerste blanken in Amerika van de indianen hadden. Als indringers lagen zij vaak overhoop met de plaatselijke bevolking wiens land zij bezetten. Nu klopt dat beeld dan ook wel redelijk, al is het dus eenzijdig, maar het zeker dat de vlakten indianen zich zeer regelmatig bezighielden met het voeren van oorlog. Echter is het wel zo dat de strijd tussen de verschillende stammen pas echt begon met de komst van het paard. Het land werd kleiner en men had meer ruimte nodig om te kunnen voorzien in genoeg huiden en bont.
De strijd kreeg dus en belangrijke plek in het leven van de vlakten stammen en vaak sloten verschillende stammen, verbonden met elkaar. Soms op basis van afkomst en soms ook op basis van een gezamenlijke vijand.
Één van deze vroege verbonden ontstond tussen de Sioux sprekende Assiniboin en de Algonkin sprekende Plains Cree. Tegenover hen stond de machtige stam van de Blackfeet alliantie, bestaande uit de Blood, Piegan en noordelijke Blackfeet( ook wel Siksika genoemd). Deze drie stammen hadden een lang bestaand verbond, gebaseerd op een gezamenlijke taal en cultuur. De derde partij in het gebied, was een verbond tussen de drie aarde- lodge stammen langs de midden Missouri rivier, hoewel dit verbond meer uit zelfbehoud was ontstaan.
Maar er was ook nog een vierde alliantie van stammen in het gebied, die alle anderen bedreigde met hun agressieve aard en vele krijgers. Dit waren de: “ zeven raads vuren” van de Sioux. Gezamenlijk waren deze Sioux goed voor zo’n 25.000 leden. De vier oostelijke stammen stonden bekend als de Dakota of Santee Sioux. In het midden leefden de Yankton en Yanktonai, houders van de heilige pijp. Veertig procent van de alliantie bestond echter uit de Teton of Westelijke Sioux.
Om goede redenen, besloten de Aarde- lodge stammen dan ook om een verbond te sluiten met de Crow, de aartsvijanden van de Sioux. Toen vervolgens de Sioux hun aantallen ook nog eens uitbreidde door een verbond te sluiten met de Cheyenne en Arapaho, waren zij werkelijk de machtigste stam op de noordelijke vlakten.
Ondanks de constante dreiging van oorlog en het feit dat de meeste stammen het landbouwen hadden losgelaten, bleven de Aard- lodge dorpen van de Hidatsa en Mandan, trouw aan hun oude gewoonten en manier van leven. Als stille poelen in de ruige wateren van verandering op de Plains, bleven hun dorpen de zeer gewilde maïs en Squash verbouwen. Hun grote goed beschermde dorpen en hun gastvrijheid ten opzichte van buitenstaanders, viel de blanken op. Maar waren deze blanken nou vrienden of vijanden?In ieder geval brachten de blanken problemen met zich mee waar de indianen niet tegen gewapend waren: ziekten.
De eerste uitbraak van de pokken begon zich in 1780 over de vlakten te verspreidden. Als er ook maar één stamlid, terugkeerde van een bezoek aan een ander dorp en hij of zij hoge koorts of huiduitslag had, dan mocht de stam blij zijn als er ook nog maar iemand in leven was een paar maanden later. Bij het begin van de 19de eeuw, brak er een grote epidemie van cholera en pokken uit, waarbij bijna de gehele stammen van de Ponca, Omaha, Oto en de Iowa uitgeroeid werden. Ook stierven er veel, Sioux, Mandan, Crow, Arikara en Gros Ventre. Andere stammen die flinke schade opliepen waren de : Kiowa, Pawnee, Wichita en de Caddo. De kunstenaar George Catlin bezocht de Omaha tijdens deze periode en was getuige van de verbranding van een grote Chief, Blackbird genaamd.
In de winter van 1839-40 was er wederom een epidemie van pokken. Ook deze epidemie maakte geen onderscheid en bijna 8000 Blackfoot, 2000 Pawnee en 1000 Crow kwamen om het leven. Vele indianen pleegden zelfmoord, toen hun dorpen getroffen werden en de lijken stapelde zich op konden niet meer fatsoenlijk begraven worden.
Langzaam begon het erop te lijken dat de grote dagen van de trotse vlakten- stammen geteld waren. Inmiddels waren ook Lewis en Clark hun expeditie gestart, met als opdracht om het gebied van de vlakten in kaart te brengen voor mogelijk kolonisme. (1804-1806) De daarop volgende regering van de VS, nam een verdere stap in de richting van de vlakten, door generaal Atkinson, samen met de indiaanse agent O’Fallon op pad te sturen. Dit tweetal ging op pad en kwam een groep Cheyenne tegen in the Black Hills, vlak bij hun basiskamp. De twee heren lieten deze vijftien indianen een overeenkomst tekenen (dmv een duimafdruk), waarin zij de regering de volmacht gaven over hun gebied. De indianen vertegenwoordigde echter maar één van de tien bands vande Cheyenne en zo begon het gesteggel over het grondgebied van de stammen.boven begin

 

Einde..

Tegen de jaren 1830 viel het de stamleden van de zuidelijke stammen op, dat er lange karavaans van ezels beladen met goederen door hun gebied trokken. Deze goederen waren bestemd voor de handelsposten in Santa Fe, waar deze goederen omgeruild konden worden voor Mexicaans zilver. Geboeid en geïrriteerd door het gebeuren, besloten de krijgers van de Cheyenne, Arapaho en de Kiowa en Comanche te stoppen met hun onderlinge strijd en sloten zij een verbond.. De vijfentwintig jaar daarna overvielen deze snelle ruiters de langzame karavaans als haviken in de wind. En ook de vee- boerderijen in westen van Texas en in het noorden van New Mexico werden gewilde prooien. Voor deze stammen was er weer welvaart. In het noorden ontstond er echter een pad( de Oregan trail) dat minder welvaart bracht voor de plaatselijke stammen. Hoewel er in het begin maar weinig karavaans over het pad reisde, nam het aantal al snel toe. Het waren vooral de Mormonen die op weg waren naar Utah en ook zij brachten vele ziekten met zich mee, die al snel hun slachtoffers eistten binnen de stammen van het grote Basin.De tijden veranderden en het waren vooral de Metis die zich dat realiseerden(indianen van gemixt bloed). Deze afstammelingen van een mengelmoes van Ierse, engelse indiaanse en schotse voorouders stonden bekend als de meest ervaren kanoërs en jagers. Het waren zij die leefden tussen de verschillende werelden van de Indianen en de blanken en het waren ook zij die hun wereld zagen vervallen.

De Grote trek naar het westen was begonnen en het einde van de vlakten ook.

boven begin

Tijdslijn

Voor 1795 Er vindt handel plaats tussen de Sioux en Franse en Spaanse handelaren uit St. Louis.
1800 Begin 18de eeuw De Sioux domineren de noordelijke plains, een gebied inclusief het grootste deel van de Dakota, noord Nebraska, oost Wyoming en zuidoost Montana
1803 De VS nemen het gebied Louisiana over van Frankrijk. Het gevolg hiervan is dat er steeds meer kolonisten naar het westen trekken en het aantal bizons sterk afneemt, een dier dat centraal staat in het leven van de Sioux.
1804 De Sioux Ontmoetten de expeditie van Lewis en Clark
1831 Sitting Bull word geboren in het huidige Zuid Dakota.
1834 De Oglala organiseren zich. Een groot deel van de Oglala volgen Bull Bear en deel volgt Smoke. Dit was een verandering omdat voorheen de Oglala verdeelt waren in vele bands met diverse leiders met meer of minder invloed. De omgeving van Bear Butte in West Zuid Dakota werd het geografische hart van hun wereld.
1849 De regering van de VS verkrijgt Fort Laramie van de American Fur Compagnie
1851 Een serie verdragen wordt getekend in Fort Laramie met de Lakota, Cheyenne, Arapaho en andere stammen. In de verdragen legt men vast welk gebied tot welke stam behoort en garanderen de stammen een veilige doortocht door de gebieden. De omvang van het gebied van de Lakota is ook goed beschreven. Zo begon de intocht van mijnwerkers en wagen treinen via de Oregon en later Bozeman Trails. In het begin trokken er nog maar weinigen het gebied door, maar dit werden er meer met het eindigen van de Burger oorlog
1854 Er word een wet aangenomen waarin is vastgelegd dat er langs de Mississippi rivier een reservaat komt. Het gebied zou lopen door wat nu is zuid Dakota west Minnesota, Iowa, en noord Dakota. Dit gebied was in principe gereserveerd voor de komst van de Sisseton, Wahpeton, Mdewakanton en Wahpekute bands. Er beginnen zich echter problemen te ontwikkelen tussen de Amerikaanse regering, de blanke kolonisten en de Santee. Dit leidde tot een hoogtepunt in 1862, met als gevolg dat de vier bovengenoemde bands meededen bij een opstand in Minnesota. Om deze reden nam het congres een nieuwe wel aan op 16 februari 1863, waarin alle eerder gemaakte afspraken, met de Sioux, geannuleerd worden. Al het land en eigendommen binnen de staat Minnesota werd door de VS regering in beslag genomen. Door deze wet was het verwijderen van de Santee uit Minnesota begonnen
1855
3 september
Kolonel William Harnet roeit samen met 1300 soldaten een heel dorp van de Brulé uit. Dit was een vergeldingsactie voor de dood van 30 soldaten. Deze waren omgekomen na een vergeldingactie van de Sioux, nadat de soldaten een Brulé Chief hadden gedood( Conquering Bear)
1862 De Homestead Act, een golf van kolonisten trekt het gebied van de Indianen binnen
1862 Inmiddels was het midden van de zomer van 1862 aangebroken (augustus) en nog steeds kwamen de Amerikanen hun afspraken met betrekking tot de levering van voedsel en materialen niet na. Ja, er werd wel voedsel afgeleverd, maar dit werd door de tussenhandelaren of doorverkocht of aan de indianen verkocht voor veel te hoge prijzen. De materialen die geleverd zouden worden, zodat de Santee op een normale wijze landbouw zouden bedrijven, kwamen echter nooit bij hen aan. Ook klaagden de Santee over de illegale stokerijen die drank aan hun mensen verkochten en deze drank zorgde er ook voor dat de blanken hun handjes niet thuis konden houden en de Santee vrouwen lastig bleven vallen. Echter, deze klachten werden door de Amerikaanse regering niet serieus genomen. Langzaamaan begon het erop te lijken dat de Santee van de honger zouden omkomen en Chief Little Crow besloot bij de indiaanse Agent aan te kloppen voor voedsel. Bij hem kreeg hij echter geen gehoor. Toen probeerde hij bij de handelaren op credit voedsel te kopen, maar deze gaven als antwoord” als je honger hebt eet je maar gras”
Zo kon het gebeuren dat 3 jonge Santee krijgers, die terug kwamen van een mislukte jachttocht, onderweg bij een boerderij gelegen bij het plaatje Acton in de vallei van de Minnesota rivier, een aantal eieren stalen. In de eerste instantie begon deze diefstal met het elkaar uitdagen, maar op een gegeven moment sloeg het om in “durf jij hen te doodden”. Toen de dapperheidtest was afgelopen hadden de indianen 3 blanke mannen en twee vrouwen vermoord. Dit incident werd door de andere kolonisten hoog opgenomen en het incident liep uiteindelijk uit in de Sioux opstand van 1862. Na het incident haasten een aantal stamhoofden zich naar Little Crow om hem te vragen hen te leidden in de op handen zijnde oorlog. Little Crow stemde toe maar benadrukte bij ieder stamhoofd dat de uitkomst van de oorlog niet te voorspellen was en dat een overwinning onzeker was. Tijdens de vier weken die volgenden trokken met name de jonge Sioux ten strijden tegen de kolonisten, soms vonden er grote veldslagen plaats, andere keren waren het de Sioux die de kolonisten onverwachts overvielen. De Sioux gingen tekeer langs de gehele Minnesota rivier. Vele honderden blanken kwamen om en circa 30.000 kolonisten zochten bescherming bij fort Ridgley. Little Crow raakte gewond bij een aanval op het fort en gaf het bevel over de krijgers aan Chief Mankato. Tijdens de slag bij of Wood Lake sloeg het noodlot toe, Chief Mankato word gedood door een kanonskogel, die hij volgens anderen weigerde te ontwijken en zijn krijgers worden gevangengenomen door federale troepen. Ongeveer 1800 gevangen genomen Sioux worden naar fort Snelling gebracht, alwaar zij worden opgesloten binnen een houten omheining met weinig voedsel en bijna geen onderdak tegen de komende winter. Zij kregen dus niet de door Kolonel Henry Sibley beloofde eerlijke en goede behandeling. In het fort zelf werden er ondertussen rechtszaken gehouden en werden er meer als 300 krijgers veroordeeld tot de dood. Ondertussen wordt president Lincoln in Washington belaagt door zijn militaire adviseurs en de pers, die erop aandringen de vonnissen snel uit te voeren. Er was maar een eenzame stem die opriep tot clementie, dit was de stem van Bisschop Henry Whipple, die al jaren voor de zaak van de Sioux streed. President Lincoln hoorde de roep van de Bisschop echter wel en besloot alle veroordelingen op te schorten op die van 39 krijgers na.
Terwijl de zon opkwam op 26 december, 1862,begonnen de 39 veroordeelden hun stervenslied te zingen, ze zongen door terwijl het schavot gebouwd werd en de witte kappen over hun hoofd werden getrokken. Toen het valluik onder hen viel, was er sprake van de grootste massaveroordeling die er ooit werd uitgevoerd in de geschiedenis van de VS. Little crow maakte geen deel uit van de veroordeelden, maar hij werd 5 maanden later doodgeschoten door een boer terwijl hij bij de boerderij bessen aan het plukken was. Deze boer ontving een beloning van $500 voor het doodden van de Chief.
1864 Na de tragische gebeurtenissen tussen 1862 en 1864 vonden de Sioux dat er genoeg bloed gevloeid had en besloten ze te gaan werken aan een vreedzame band tussen hen en hun blanke buren. Een groep Sioux zocht onderdak in canada en vroeg hulp aan de Engelsen, hun voormalige bondgenoten tijdens de dagen van Koning George 3. Met tegenzin , stelde de Hudson Bay Compagnie, land beschikbaar voor de vluchtelingen, dit stuk land was gelegen bij Fort Garry in Manitoba. Sommige van de Canadezen vreesden een herhaling van het gene dat in Minnesota gebeurd was, maar de Sioux hielden zich rustig en bemoeiden zich alleen met het stropen, jagen en landbouwen. Zelfs tijdens de metis opstand van 1869 bleven zij neutraal
1864
29 November
Massacre at Sand Creek. Kolonel Chivington leidt een leger van soldaten en vrijwilligers naar het kamp van Black Kettle bij Sand Creek met als doel het doodden van een groep vreedzame Indianen
1864
14 april
President Lincoln wordt vermoord.
1865
Juli
Generaal Patrick Conner organiseert 3 colonnes soldaten om een invasie te beginnen in het Basin van de rivier de Powder, in de Black Hills. Ze hadden maar een opdracht:”Dood iedere mannelijke Indiaan ouder dan 12”. Conner bouwt een fort aan de rivier de Powder.
1865
24 tot 26 juli
Battle of Platte Bridge. De Cheyenne en Lakota belegeren de meest Noordelijk gelegen post van het Amerikaanse leger en doodden hierbij alle soldaten van een peloton Cavalerie, die er op uit gestuurd waren om de Wagen treinen te begeleiden door het Basin van de rivier de Powder
1865 1865 Battle Of Tongue River. De colonne van Conner verwoest een Arapaho dorp, inclusief alle winter voorraden, tenten en kleding. Ze vermoorden ongeveer 50 dorpsbewoners.
1865
september
Roman Nose’s Fight. De Cheyenne Chief Roman Nose leidt, uit wraak voor de Sand Creek Massacre, een paar honderd Cheyenne krijgers in een belegering van de Colonnes van Cole en Walker. Twee groepen uitgeputte en van de honger stervende soldaten die proberen terug te keren naar Fort Laramie. Omdat ze alleen gewapend waren met bogen, speren en een paar oude geweren lukte het de Cheyenne niet om de soldaten te overlopen, maar ze vielen hen een aantal dagen lastig, totdat een Colonne onder leiding van Conner hen ontzetten.
1865
14 oktober
De Chiefs van de Zuidelijke Cheyenne tekenen een verdrag waarin zij overeenkomen al het gebied dat zij claimden, voornamelijk in Colorado, af te staan aan de VS.
1865
Oktober
Conner keert terug naar Fort Laramie en laat twee compagnies achter in een fort dat hij heeft laten bouwen bij de vork van de Crazy Woman Creek en de Powder rivier. Red Cloud en zijn krijgers sloten de wereld voor deze soldaten af en de mannen zaten de hele winter zonder voorraden. Vele stierven als gevolg van scheurbuik, ondervoeding en longontsteking voor het einde van de winter. Zij werden pas op 28 juli ontzet door een compagnie onder leiding van Kolonel Carrington
1865
herfst
Er worden negen verdragen getekend door de SIOUX. Onder andere door de Brulé, Hunkpapa, Oglala en Minneconjou. Dit werd door de blanken gezien als het einde van de Plains Wars, terwijl niet één van de Oorlogchiefs de verdragen hadden getekend.

1866

eind lente

De Oorlogchiefs Red Cloud, Spotted Tail, Standing Elk en Dull Knife en anderen komen naar fort Laramie om over een verdrag te onderhandelen betreffende de doorgang tot het Basin van de rivier de Powder. Terwijl zij aan het onderhandelen waren arriveerden in het fort , kolonel harington en een paar honderd Infanteristen. Het was nu duidelijk voor de Chiefs dat de onderhandelingen alleen maar voor de vorm waren en de forten langs de Bozeman Trail toch wel gebouwd zouden worden. Dit was het begin van Red Cloud’s oorlog
1866
13 juli
Kolonel Carrington begint met de bouw van fort Phil Kearny tussen de vorken van de Little Piney en Big Piney kreken, midden in de beste jachtgronden van de Plains Indianen. De Cheyenne gaan op pad en bekijken het kamp. Ze vinden het te groot om aan te vallen, maar gedurende de daarop volgende zomer vallen zij de soldaten samen met de Crow, Lakota en Arapaho, vaak lastig.
1866
21 December
December Fetterman Massacre. Begin December, voeren een aantal jonge Lakota krijgers, inclusief Crazy Horse, een afleidingsmanoeuvre uit om de soldaten van het fort naar buiten te lokken. Dit lukte en ze doodden verschillende officieren en verwonde een aantal soldaten. De weken daarna werd er een hinderlaag gepland en de locatie voor de val werd gekozen. Twee duizend krijgers trokken naar het zuiden en zetten hun kamp op, 2 mijlen noordelijk van de gekozen locatie. Vervolgens werden er tien jonge krijgers uit de verschillende stammen gekozen, voor het gevaarlijkste werk, het uit de tent lokken van de soldaten. Toen zij er in geslaagd waren de soldaten in het gebied van de hinderlaag te lokken, gaven de lokvogels een signaal aan de rest en werden de 80 soldaten gedood. De Indianen leden echter ook grote verliezen omdat ze slecht bewapend waren en het moesten opnemen tegen de nieuwe repeteer geweren van de soldaten. De Indianen noemden het gevecht :”The Battle of the Hundred Slain”, bij de blanken werd het de Fetterman Massacre genoemd, omdat de soldaten onder het bevel van kapitein Fetterman stonden die had beweert dat hij de gehele Sioux natie kon verslaan met enkel een compagnie cavaleristen. Kolonel harington was geschokt toen hij de verminkte lichamen van de soldaten vond. Had hij de lichamen van de slachtoffers bij Sand Creek gezien dan was hij waarschijnlijk minder geschokt geweest.
1867
Zomer
Bij de heilige berg van de Cheyenne, Bear Butte, word een bijeenkomst gehouden door 6.000 stamleden, waaronder Crazy Horse, Red Cloud en Sitting Bull, waar zij beloven, de verdere toestroom van blanken een halt te zullen toe roepen.
1868 Als gevolg van het verdrag van fort Laramie, word het grote Sioux reservaat gecreëerd, het reservaat besloeg het grootste gedeelte van het huidige Zuid Dakota ten westen van de Missouri inclusief de Black Hills (Paha Sapa) een gebied dat door de Sioux al jaren als heilig wordt beschouwd. Als er goud wordt gevonden in de Black Hills komt er al snel een stroom goudzoekers op gang. Al meer dan 50 jaar deed het gerucht de ronde dat er zich in de Black Hills onmetelijke rijkdommen bevonden. In 1874 ging Custer samen met twee prospectors en een journalist op pad om het gebied te verkennen. Volgens het verdrag van Fort Laramie van 1868, was het gebied van de Black Hills officieel eigendom van de Sioux, maar er kwamen steeds meer kolonisten in het gebied en er kwam druk op de regering om het gebied open te stellen voor houthakkers en goudzoekers.
1870
23 Januari
De Massacre on the Marias. 173 Blackfeet mannen, vrouwen en kinderen worden vermoord door VS soldaten op de rivier de Maria in Montana. Dit was het gevolg van een wraakactie na de dood van Malcolm Clark en het verwonden van zijn zoon door een klein groepje Blackfeet krijgers.
1873 Custer en de zevende cavalerie komen naar de Noordelijke plains
1873 Er ontstaat een oorlog met als inzet de Bizon. De Canadese en VS regering willen ervoor zorgen dat de Sioux in hun reservaat blijven en heimelijk sturen ze jagers op pad om de Bizon s af te schieten. Ze beseffen maar al te goed dat de Sioux afhankelijk van de Bizon zijn. De voorraad Bizons leek eindeloos te zijn. Begin 19de eeuw trokken er miljoenen en miljoenen bizons over de Vlakten. De kuddes waren soms zo groot dat ooggetuigen spraken van massieve groepen Bizons zover als ze konden zien,. Het was de regeringen van canada en de VS dan ook duidelijk dat zolang er bizons waren, ook de plains indians zouden blijven rond trekken. De aanvallen op de verschillende indianen dorpen waren al jaren bezig maar de VS konden de krijgers niet onder controle houden. Er was dus maar een oplossing. In het geheim organiseerde de overheid een geheim leger van jagers die met succes grote aantallen bizons afschoten Snel nam het aantal bizons af. Tegen het jaar 1883 waren de kuddes verdwenen van canada tot in het zuiden van de vs
1874 Een expeditie onder leiding van Custer vindt goud in de Black Hills
Op 30 juli 1874, ontdekten de prospectors van Custer grote hoeveelheden goud in de bovenste gedeelten van het Black Hills gebergte. De Journalist rapporteerde dit onmiddellijk aan zijn krant. Een commissie probeerde meteen om het gebergte van de Sioux over te nemen. De Chiefs weigerde natuurlijk omdat het gebied voor hen heilig en niet koop was. Maar niets kon de Goudzoekers tegen houden. Tegen December trokken er zo’n 15000 goudzoekers door de bergen. Het jaar erna ging er een nieuwe militaire -wetenschappelijke expeditie naar de bergen en zij bevestigde de aanwezigheid van goud in commerciële hoeveelheden. Binnen enkele dagen verrees het dorp Deadwood Gulch vlakbij de eerste vindplaats. Toen eenmaal de goudbronnen aan de oppervlakte uitgeput raakten, namen de bedrijven het gouddelven over. De San Fransisco homestake Mining compagnie kocht de meest rijke goudgebieden in de omgeving aan in 1877. De goudmijn van de compagnie is nog steeds niet uitgeput en is de diepste mijn van de VS (2500 meter diep.)Wel lijkt het er inmiddels op dat de mijn bijna leeg is en is het aantal werklui van 1000 teruggebracht naar 250. De belangrijkste inkomstenbron van Deadwood nu is ghet grote aantal casino’s dat de stad rijk is.
1875 De overheid probeert de Black Hills van de Indianen te kopen, dit mislukt.
1875 Sitting Bull word tot Chief gekozen.
1876 De VS stellen een ultimatum: Wie zich niet in het Grote Sioux reservaat bevind op 31 Januari, wordt beschouwd als vijandelijk. De winter is streng en de meeste Sioux horen niet eens van het ultimatum, tot de datum voorbij is.
1876 Een colonne onder leiding van generaal Crook valt een kamp van de Sioux en Cheyenne aan, aan de rivier de Powder. De mensen werden uit hun lodges verdreven en vele van hen stierven. De hutten, de wintervoorraden werden verbrand en de paarden werden meegenomen. Die nacht, stalen de krijgers hun paarden terug. De overlevende zochten vervolgens onderdak in het kamp van Crazy Horse een aantal mijlen verderop.
1876 Sitting Bull en zijn krijgers bereiden zich voor op een oorlog om de Black Hills tegen het VS leger. Steeds meer kolonisten stromen het gebied van de Sioux binnen.
Nu de Bizons verdwenen waren hadden de indianen geen andere keuze dan terug te keren naar hun reservaten, anders zouden ze van de honger om komen
1876
14 Juni
De ceremonie van de Zonnedans vindt plaats, Sitting Bull krijgt een visioen en voorziet een oorlog en een grote overwinning voor zijn volk.
1876
17 Juni
Onder leiding van Crazy Horse vind de Battle of de Rosebud Creek plaats. Crazy Horse(Cheyenne en Lakota) en zijn mannen verjagen de soldaten die onder leiding van generaal Crook staan.Bij de Cheyenne staat de Slag bij de Rosebud Creek bekend als” de slag waar het meisje haar broer redde”. Tijdens de strijd viel de Chief Comes-in- Site van zijn paard en maakte een ruiter zich vrij uit de positie van de Cheyennes en reed hem tegemoet om hem te helpen. Toen de Chief eenmaal weer op zijn paard zat, bracht de ruiter hem in veiligheid. De ruiter was niemand anders dan de zus van de Chief, Buffalo-Calf-Woman, die mee was gegaan om met de paarden te helpen.
1876
25 Juni
De slag bij Little Bighorn vind plaats. Generaal Custer besluit een van de grootste indiaanse kampen ooit aan te vallen. Sitting Bull, crazy Horse en Chief Gall, voeren hun mannen aan en ze verslaan de soldaten op een wijze die nog niet was voorgekomen in de geschiedenis van de Vs. In mei van 1876 ontmoeten de Sioux en hun bondgenoten de Cheyennes en Arapaho’s elkaar bij de Rosebud Creek. Verkenners hebben gerapporteerd dat een grote groepen Amerikaanse soldaten in de omgeving patrouilleren en ze lijken op een gevecht uit te zijn. De indianen weten niet wat ze moeten doen en besluiten zich te wenden tot een wijs man binnen de stam. Deze man is Sitting Bull. Ook Sitting Bull weet niet wat te doen, maar hij besluit opzoek te gaan naar het advies van de grote geest. Om dit advies te vinden gaat hij op een Visionquest*. Hij vast en bid vele dagen voordat hij een visioen krijgt. Het visioen laat hem zien dat een groep soldaten met blauwe jassen vanuit het oosten optrekt. Voor hem is dit het teken dat de Amerikaanse soldaten de Sioux en hun bondgenoten te grazen komen nemen. Sitting Bull keert terug naar het kamp en vraagt een Zonnedans te houden. Deze vindt plaats op 8 juni. De jonge krijgers in het kamp dansen ceremonieel rond de Zonnedans paal, terwijl Sitting Bull in het midden zit te bidden. Jumping Bull, zijn geadopteerde broer, gebruikt tijdens de dans een haak en een mes om stukken huid uit zijn huid te scheuren, een ceremoniële offer aan de grote geest.. alles bij elkaar snijd hij 100 stukken huid uit zijn arm, en terwijl het bloed op de grond vloeit denkt Sitting Bull dat de grote geest tevreden is. Hierna begint Sitting Bull te dansen en hij danst uren door totdat hij in trance neervalt. Nadat hij bijgekomen is verteld Sitting Bull wat hij gezien heeft; soldaten met blauwe jassen en zo veel als springkanen in het prairiegras, vallen onderste boven het kamp in. Hun hoofden vallen eraf. Een klein aantal Sioux zijn ook ondersteboven. Een stem waarschuwt:” deze soldaten luisteren niet, ze hebben geen oren, zij moeten sterven, maar je mag hun niets afnemen”. Sitting Bull legt uit dat de voorspelling betekend dat er een grote overwinning van de Sioux in het vooruitschiet ligt . Er zullen enkele krijgers sterven, maar daar staat tegenover dat alle soldaten zullen sterven. Hij waarschuwt zijn krijgers wel niets van de soldaten af te nemen. Ondertussen krijgt de raad het bericht dat er een grote groep soldaten onderweg is en Sitting Bull wil het kamp verplaatsen. De raad neemt snel het advies van SB over om het kamp naar de veiligere plek bij Little Bighorn te verplaatsen. Ook adviseert SB Crazy Horse op pad te sturen met 700 krijgers om de 1200 soldaten en 500 Crow en Shoshone krijgers onder leiding van Crook tegemoet te treden De Volgende morgen zijn Crook en zijn mannen nog aan het ontbijten als de Sioux aanvallen. De Crow verkenners zien de krijgers aankomen en slaan alarm en slaan de eerste aanval af. Maar de Sioux blijven door vechten. . De strijd zou de gehele morgen duren, voordat beide partijen zich terug trokken. Crazy Horse naar het kamp en Crook helemaal terug naar zijn thuisbasis in Wyoming. Naderhand, waarschuwt sitting Bull dat de voorspelling nog niet compleet is omdat er nog geen Blauwe soldaten het kamp binnen zijn gerold, hij voorspeld nog een veldslag. Zijn voorspelling komt 8 dagen later uit wanneer Custer met zijn 7th cavalerie en een groot aantal Crow verkenners op pad gaat om wraak te nemen. Custer heeft geen idee tegenover hoeveel krijgers hij zal komen te staan en besluit zijn leger in drieen te splitsen. Een groep komt onder leiding van majoor Reno te staan, een andere groep onder het bevel van Kapitein Benteen en Custer zelf voert de derde groep aan. Ondertussen genieten de Sioux en Cheyennes in het grootste kamp dat ooit heeft bestaan van een mooie zomermiddag. Om ongeveer 15.00 uur horen ze geweervuur. De groep van Reno valt het kamp aan en ze schieten op alles wat beweegt. Onder leiding van Chief Gall doen de Indianen een tegenaanval en al snel zijn ze aan de winnende hand. Ze hadden gemakkelijk alle soldaten van Reno kunnen afmaken, maar Sitting Bull had de Indianen opgedragen hun levens te sparen. Bij Custer was het inmiddels duidelijk geworden dat hij tegenover een grote macht zou komen te staan en hij besloot zijn plan te veranderen. Samen met zijn mannen trok Custer naar een heuveltop, zodat ze daar met wat extra munitie konden wachten op de andere eenheden. Toen ze de top van de heuvel eenmaal hadden bereikt realiseerde Custer zich echter dat ze omsingeld waren door Crazy Horse en zijn mannen en Gall en zijn mannen. Ondertussen hadden ook alle andere krijgers zich bij de strijd aangesloten. Crazy Horse was ervan overtuigd dat geen enkele kogel hem kon doden en om de linie van de Cavalerie te doorbreken reed hij blind door het midden van deze Cavalerie waardoor het laatste verzet gebroken werd. Terwijl hij dit deed vuurde alle soldaten op hem en hij werd inderdaad door geen enkele kogel getroffen. Het vuur van de soldaten werd beantwoord met een tegenaanval die gepaard ging met een regen van pijlen en kogels. De ene na de andere soldaat viel en binnen de kortste keren lagen Custer en zijn mannen levenloos op de heuvel. Tegen het Nadrukkelijke bevel van Sitting Bull in begonnen de krijgers meteen met het wegnemen van de bezittingen van de Soldaten. Het nieuws van de slag bij Little Bighorn verspreid zich snel over het land, de bevolking is geschokt dat generaal Custer, hun held, bij de strijd is omgekomen. Generaal Sheridan krijgt de opdracht de indianen te zoeken en ze te straffen, maar Sitting Bull slaagt erin zijn mensen veilig naar Canada te leidden. De Slag bij Little Bighorn is waarschijnlijk een van de grootste fiasco’s in de geschiedenis van het Amerikaanse leger. Terwijl het voor de Sioux Natie hun grootste overwinning was, echter staat de strijd eigenlijk symbool voor het begin van het einde van de vrijheid van de Sioux natie
1877
mei
Sitting Bull vlucht naar canada. De Amerikanen zijn op wraak uit na hun verlies bij Little Bighorn. Samen met Sitting Bull vluchten er meer Sioux naar Canada. Andere bands geven zich over en worden gedwongen in reservaten te leven
1877
6 Mei
Crazy Horse geeft zich over bij Fort Robinson.
1877
7 Mei
Een kleine band Miniconjou wordt door generaal Miles verslagen waarmee de Great Sioux wars eindigen.
1881 Geconfronteerd met hongersnood geven Sitting Bull en zijn mensen zich over bij fort Buford in Montana.Sitting Bull word als krijgsgevangenen 2 jaar vastgezet in fort Randall in Zuid Dakota.
1883 Sitting Bull vrijgelaten en naar Standing Rock reservaat gestuurd in Zuid Dakota.
1885 Sitting Bull toert met Buffalo bill en zijn wild west show
1887-1933 De algemene Allotment act word aangenomen. Het Congres verdeelt 160 hectare land over de hoofden van alle huishoudens. Het land wat overblijft word te koop aangeboden en is beschikbaar voor de niet Natives. Het gevolg 50% afname van het reservaat. Het land word opgedeeld in 6 kleinere reservaten
1890 De Ghost Dance ceremonie trekt door de reservaten op de plains, de Natives geloven dat de uitvoer van de dans, de bizon weer terugzal brengen samen met hun oude manier van leven. Het leger van de VS is bang dat het zal leiden tot een nieuwe oorlog met aan het hoofd Sitting Bull. In 1889 raken, Chief Si Tanka, en zijn band van Minneconjou Sioux geïnteresseerd in de Ghost Dance religie. Zij hopen dat het uitvoeren van de Ghost Dance ervoor zal zorgen dat de Bizon terug keert op de vlakten en dat dode geliefden zullen herrijzen. In Midden december voegen zich 80 Lakota Sioux bij Si Tanka, zij waren volgelingen van de pas gedode Sitting Bull. Si Tanka( Spotted elk) besluit zijn volgelingen naar de Rosebud Creek te leidden op. 29 December omsingeld de gereorganiseerde 7de cavelerie het kamp bij de Rosebud en nemen alle wapens in beslag. Opeens valt er een schot en de soldaten open het vuur. Als de rook is opgetrokken liggen op de grond verspreid, de lijken van meer dan 200 kinderen, vrouwen en oudere mensen. In de verwarring zijn ook 25 soldaten gestorven(waarschijnlijk door eigen vuur). Op 2 januari worden de bevroren lijken van de indianen gefotografeerd en gedumpt in een massagraf. Achttien van de soldaten die deelnamen aan de slachting ontvingen een medal of Honor voor hun bijdrage bij Rosebud Creek.
1890
15 December
Majoor generaal Nelson geeft het bevel Sitting Bull te arresteren in het Standing Rock reservaat. Bij een worsteling die ontstaat word Sitting Bull gedood door de Indiaanse politie in dienst van de VS
1890
29 December
Battle of Wounded Knee. De 7 de cavalerie van het Amerikaanse leger slachten 250 leden van de band van Big Foot af in Zuid Dakota

 

1934

De indian reorganisation Act maakt een einde aan de mislukte allotment politiek. Het onverkochte land word aan de Indianen teruggegeven. De Natives communities richtten nieuwe stambesturen op en bouwen scholen op hun reservatenboven begin